Monitoring aantal bijenvolken

Een van de nieuwe verplichtingen en voorwaarden tot het verkrijgen van EU- en Vlaamse steun, is dat de lidstaat van de EU moet beschikken over een betrouwbare methode om elk jaar het aantal bijenkasten vast te stellen dat op hun grondgebied klaar is om te overwinteren.

De voorzitter van elke lokale vereniging heeft de opdracht het aantal bijenvolken van zijn leden vast te stellen. Het globale cijfer wordt overgemaakt aan de voorzitter van de koepelvereniging (KOIV).

Steekproefsgewijze controle door de overheid verloopt steeds via de voorzitters van de plaatselijke vereniging.

Noteer dat alle gegevens die worden opgevraagd enkel en alleen gebruikt worden in het kader van de opdracht tot vaststelling van het aantal bijenkasten en niet voor andere doeleinden.

 Concreet wil men per imkervereniging het aantal leden alsook het aantal bijenvolken kennen.
Aan Konvib wordt gevraagd deze gegevens ter beschikking te stellen van de overheid, ten laatste tegen 15 januari.

De Konvib beschikt via de online ledenadministratie – bijgehouden door de plaatselijke verenigingen – over een tool die de registratie en verwerking van die gegevens vereenvoudigt.

Wat wordt er verwacht :

  1. Elke afdeling vraagt aan de leden het aantal bijenvolken op te geven die ingewinterd waren op het einde van oktober 2016. Deze bevraging kan schriftelijk (brief, mail), telefonisch, mondeling… gebeuren of nog – zoals in onze afdeling – als mededeling bij de overschrijving van het lidgeld 2017.
  2.  De afdeling (voorzitter/secretaris) noteert hoe de gegevens werden verzameld en houdt de schriftelijke communicatie en reacties hieromtrent bij.
  3. De gegevens (aantal bijenvolken) worden ingebracht in de online ledenadministratie onder de rubriek ‘#volken’.
    0 : geen volken
    1 : 1 volk
    2 : 2 volken
    9999 : ongekend of niet meegedeeld.
  4. Voor alle leden dient er een gegeven ingevoerd te worden. Men streeft naar een maximaal aantal correcte cijfers.
  5. Er is gevraagd deze gegevens zo snel mogelijk in te voeren en dit zeker bij de aansluiting van de leden voor 2017, dus reeds in november, december…
  6. Konvib centraliseert en verwerkt de gegevens per afdeling en bezorgt de verwerkte gegevens naamloos aan de administratie. Dit dient te gebeuren vóór 15 januari 2017.

Vanuit de ledenadministratie en in overleg met de provinciale afdelingen wordt de vooruitgang in het tellingsproces opgevolgd en hierover feedback gegeven aan de afdelingen.

Vanaf december zal er steekproefgewijs door de administratie contact opgenomen worden met de afdelingen en imkers om de betrouwbaarheid van de gegevens te verifiëren. Iedereen, imkers, afdelingen, provincies en Konvib hebben er belang bij betrouwbare getallen van zoveel mogelijk leden in te voeren in het besef dat dit jaarlijks zal moeten worden uitgevoerd. Op die manier kan de werkwijze ook in de toekomst zo eenvoudig mogelijk gehouden blijven !

Noteer dat deze telling enkel gebruikt wordt ten behoeve van de verdeling van de Europese en Vlaamse financiële middelen ter ondersteuning van de imkerij.

De overheid heeft uitdrukkelijk verklaard dat deze gegevens niet beschikbaar zijn voor FAVV, BTW-administratie of de administratie van belastingen. 

Wij rekenen op een correcte medewerking en danken jullie daarvoor hartelijk.